Happy Landings

190720125295_1Er zit een vrouw op ‘mijn’ stoel achterin het vliegtuig, helemaal tegen de wc aan, vlakbij de pantry. Ik wil aan het gangpad zitten, mijn benen kunnen strekken en me niet opgesloten voelen. Dus. Wrevelig (het tè vroege opstaan wreekt zich juist op dergelijke momenten) kijk ik op mijn boarding pass. Nog voordat ik een woord gesproken heb, staat ze zonder aarzelen op en -eerst in rap Grieks dat ik half versta en daarna in het Engels- biedt ze aan met me te ruilen. Midden dertig, met grote donkerbruine ogen, gitzwart steil haar in een scherpe bebop geknipt en een klassiek Grieks profiel (eufemisme voor roofvogelneus) staat ze voor me te stuiteren op haar hagelwitte sneakers. Ze komt ongeveer tot aan mijn sleutelbeen.
“Maar ik heb 27F, dat is toch gewoon aan het gangpad? Daar had ik namelijk wel degelijk om gevraagd…” pruttel ik nog een beetje, in een poging mijn gelijk te krijgen.
“Nee, echt niet. De stoelen A en F zijn altijd aan het raam. En geloof me, ik kan het weten. Ik ben namelijk stewardess. En ik vind het geen probleem om met je te ruilen. Ga gerust zitten. Het is geen probleem.”
Goed. Even omschakelen. Niet vechten voor rechten, maar kijken hoe je het samen zo goed mogelijk kunt hebben. Wonderbaarlijk snel gaat dat in m’n hoofd: zo kan het ook.
Binnen no-time heeft ze ook al geruild met de man die eigenlijk in ons midden moet zitten. Die wil namelijk heel graag bij het raam. Dan loopt ze naar achteren, pakt wat plastic bekertjes en een grote waterfles en begint luid en levendig uit te delen. De stewardessen in uniform, mijn buurvrouw en een stuk of tien jonge vrouwen staan daar gezellig en geanimeerd te praten en te lachen, terwijl het vliegtuig langzaam volloopt. Ze kennen elkaar, da’s duidelijk. Ze voelen zich thuis daar in de pantry en zo’n pakje zou ze allemaal heel leuk staan. Waarschijnlijk collega’s dus.
Als we ons klaar hebben gemaakt voor vertrek en de riemen zijn vastgemaakt, is het op de man bij het raam en mijzelf na, achterin net een kippenhok. Al die jonge vrouwen zitten om ons heen, delen chocolade met elkaar, vlechten elkaars lange haren, lenen elkaar tijdschriften uit, giechelen en kletsen. Gelukkig is mijn buurvrouw binnen no time zachtjes snurkend in slaap gevallen, waardoor ik ook nog even kan wegdromen.

Een dik half uur voor de landing in Athene kom ik weer bij m’n positieven. Nadat ze me ongevraagd heeft uitgelegd waarom het zo ontzettend hard werken is ‘for the girls’ op zo’n drukke vlucht, vraag ik m’n buurvrouw in wat voor gezelschap ik me eigenlijk bevind. Ze bevestigt mijn vermoeden: het zijn allemaal collega stewardessen. Enthousiast vertelt ze over de vorige middag bij het trainingscentrum van Lufthansa, waar ze voor één dag waren ingevlogen voor de jaarlijkse opfriscursus. Allerlei soorten branden waren er gesimuleerd, de te volgen procedures en handelingen geoefend, hun flexibiliteit en reactievermogen waren getest en het was heel erg leerzaam geweest allemaal. Vermoeiend maar leerzaam. Ik stel vast, dat ik vandaag dus waarschijnlijk de meest veilige vlucht van mijn leven heb gemaakt. Dat vindt ze zo’n goeie grap dat ze hem even in het Grieks over de achterste rijen laat schallen. Haar collega’s knikken en giechelen waarderend.
Desgevraagd vertel ik op mijn beurt een beetje over mijn band met Griekenland, mijn vakantieplannen en over het concert van Eleftheria Arvanitaki dat ik die avond zal bezoeken. Haar gezicht betrekt ineens.
“Ik kan niet naar haar luisteren,” zegt ze. “Ik vind het zo mooi, maar het is te emotioneel voor mij en dat kan ik me niet permitteren in deze fase van mijn leven. Ik heb een drukke baan en drie kleine kinderen. Als ik emotioneel word, functioneer ik niet meer. Ik moet de voorkeur geven aan kleuterliedjes… Het komt wel weer. Nu gaat het niet; ik ben gewoon te moe.”
Berustend haalt ze haar schouders op.
“Werk je fulltime?” Een knikje.
Ik denk aan de crisis en hoe ze het geld waarschijnlijk hard nodig zal hebben.
We mijmeren allebei een beetje voor ons uit.
Dan zegt ze ineens: “Thank you very much!”
Ik kijk haar vorsend aan. Neemt ze me in de maling? Heb ik iets verkeerds gezegd?
“Door je vraag of ik een full time baan heb, realiseer ik me ineens dat ik moet gaan overleggen met mijn baas of ik part time kan gaan werken. Ik weet dat het mogelijk is bij ons bedrijf, maar ik had er nooit eerder over nagedacht. Nu wel. Dus ik dank je daarvoor.”
Stralend bruine ogen in de mijne.
“Ik dacht dat je het geld waarschijnlijk niet kon missen vanwege de crisis.”
“Het geld dat ik verdien, moet ik ook weer uitgeven aan een oppas. Dus dat maakt niet uit. Nee, het zal heel goed zijn voor ons allemaal als me dat gaat lukken. Echt een heel goed idee.”
Ze kijkt me aan alsof ik zojuist haar leven heb gered: ernstig, verrukt, vastberaden.

Als het vliegtuig even later veilig op de Atheense landingsbaan geraakt, wordt er achterin door meer dan tien jonge Griekse stewardessen geklapt en waarderend gejoeld.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s