Integrating Cities

160120122382Gisteren en vandaag was ik op de conferentie Integrating Cities hier in Felix Meritis, Amsterdam. Het was interessant, stimulerend, uitdagend en verrassend. Misschien ga ik daar ook nog eens over schrijven.
Maar nu wil ik het even hebben over Hala, een vrouw die ik ontmoette tijdens een masterclass in jongerencentrum Argan aan de Overtoom. Ze was de enige met een hoofddoek in het gezelschap. Ze was geloof ik zelfs de enige met een hoofddoek op de hele conferentie.
Bij het voorstelrondje -zo gaan die dingen- zegt ze haar naam en vermeldt als woonplaats Athene. Daarna vertelt ze over hoe ze tussen twee vuren zit: ze probeert -als feministe- de positie en mogelijkheden van moslimvrouwen te verbeteren, maar in haar eigen gemeenschap krijgt ze de vraag voorgelegd aan wiens kant ze nu eigenlijk staat, omdat men haar te vooruitstrevend vindt. Ze noemt het een dilemma, dat bij haar hoort. Het is geen klacht. Het is een weergave van haar werkelijkheid. Geen haar op haar bedekte hoofd die erover denkt om de taak die zij zichzelf heeft gesteld als een onmogelijke op te vatten. Het is zoals het is.
Als ik haar in de pauze in het Grieks begroet, is er meteen verbinding. We praten over het land in crisis, waar ze 22 jaar geleden met haar ouders naar toe verhuisde. Hoe ze naar school ging, aan de universiteit studeerde, een gezin stichtte en werkte. Ze beschouwde zichzelf altijd als Griekse. Maar sinds een paar jaar wordt ze raar aangekeken als ze zich door haar stad begeeft. Ze wordt ineens aangesproken: wie ze is, waar ze vandaan komt, of ze blijft. De economische omstandigheden worden steeds zwaarder. Met intellectuele en opgewekte distantie praat ze over de schulden en hoe de verantwoordelijkheid daarvoor te vaak bij anderen wordt gelegd. Hoe de Grieken blijven vasthouden aan de twee politieke partijen, waardoor er eigenlijk geen uitweg is uit het systeem van cliëntelisme. Er is geen ware democratie.
Ze zucht.
Maar ze praat ook over hoe hartverwarmend de Griekse mentaliteit is als het om mensen gaat. Hoe gastvrij, vrijgevig, warm, loyaal en sociaal de Grieken zijn. Ze voelt zich Grieks. Griekenland is het land waar ze hoort.
Dan vraag ik haar waar ze deze zomer is, omdat ik weer voor een paar weken naar Griekenland zal komen.
“Ik ben gewoon in Athene, hoor. Wat gezellig dat je komt! Bel me, dan gaan we samen koffie drinken en kan ik je laten zien waar mijn organisatie aan werkt.”
“Dus je bent de hele zomer in de stad? Ga je niet naar een eiland ofzo? Het is altijd zo heet in Athene.”
Ik verheug me over haar uitnodiging.
“Nee…niet naar een eiland. Weet je, wij waren altijd gewend om in de zomer te reizen. Maar dat gaat nu niet.”
Haar stem aarzelt, is wat zachter geworden.
“Hoe komt dat dan? Financiën?”
“Ik kom uit Syrië en we gingen elke zomer terug.”
Ze kijkt me recht aan met grote bruine ogen.
Syrië…ik had me wel even afgevraagd waar ze vandaan kon komen, maar aan dàt land had had ik nu juist geen moment gedacht.
“Heb je er nog familie wonen?” vraag ik.
“Twee oude tantes. Verder is iedereen weggetrokken. Zij gaan ook weg, zodra ze kunnen.”
Ik zwijg even, probeer haar blik te vangen, maar ze kijkt opzij.
Dan hoor ik Hala zeggen, fluisteren bijna: “Ik kom uit Homs, weet je.”

Advertenties