Ithaka – de vraag, het antwoord en de waarheid

Ithaca doorkijk(Dit artikel is op 8 januari voor het eerst verschenen op Liberale Media.)

Er zijn mensen die claimen de waarheid te kennen. Ze hebben daarom het antwoord op elke vraag. Met een hoop poeha presenteren ze hun gelijk, onderbouwen het met citaten uit Heilige Boeken of met resultaten van wetenschappelijk onderzoek en proberen anderen (en soms ook zichzelf) te overtuigen van de juistheid van hun opvatting.

De eerstgenoemden leven graag zoveel mogelijk naar de letter van de hun door God gegeven wet. Stellen zich geen diepgaande vragen over de betekenis. Hebben de antwoorden immers zwart op wit. En er is altijd wel een toepasselijke alinea of tekst te vinden.
De meer rationalistisch ingestelden, de ‘ongelovigen’ kunnen zich met evenveel overtuiging vastbijten in de ratio, de waarneming, de feiten en de daaruit voortvloeiende wetenschappelijke theorie. Alsof de wetenschap het bewijs biedt voor de enige, onbetwistbare antwoorden op alle vragen; de waarheid dus. Is het wetenschappelijk onderzocht? De feiten liegen er niet om? Dan is het waar. Klaar!

De waarheid is echter geen eindpunt. Het gaat om de zoektocht naar de waarheid. De Griekse dichter Kavafis beschrijft in het gedicht ‘Ithaka’ de avontuurlijke en gevaarlijke omzwervingen van Odysseus op zo’n manier dat het duidelijk is dat het om de reis gaat en niet het doel. Odysseus was een held. Hij was slim, moedig en verloor nooit zijn belangrijkste doel uit het oog: de terugkeer naar zijn vrouw, zijn zoon, zijn eiland.
Het zoeken naar een antwoord op een vraag –of zelfs het zoeken naar de waarheid- is te vergelijken met een Odyssee: een mooie, maar niet altijd eenvoudige onderneming, waarbij de reis belangrijker is dan het doel. Zonder vraag kan er geen antwoord gevonden worden. De reis moet ergens beginnen.

We worden in deze wereld geboren met al onze zintuigen wijd open en een onontwikkeld denkvermogen. De indrukken en prikkels zijn voor een pasgeborene overweldigend. Zozeer dat de chaos -zoals een baby de wereld ervaart- slechts te verdragen is in combinatie met veel slaap en de bekende stem en hartslag van de moeder op niet al te grote afstand. Als dan keer op keer blijkt dat primaire behoeftes zoals voedsel en veiligheid bevredigd worden, vindt er hechting plaats met mensen en omgeving. Door het zich uiteenzetten met de wereld en de ervaringen die daarmee gepaard gaan te categoriseren met behulp van taal, vindt er een ordening van de oorspronkelijke chaos plaats, die het leven tot op zekere hoogte aanvaardbaar en draaglijk maakt. Kleuters vragen niet voor niets de hele dag “waarom?” en “wat is dat?”. De antwoorden gaan als het ware in hersenmapjes, die in de loop van de tijd uitgebreid, aangevuld maar ook uitgedund of zelfs weggegooid worden.

Ondanks de hechting, de taal, het denkvermogen en de ordening blijven er zaken in de wereld en het leven die onverklaarbaar of onverteerbaar zijn. Omdat ze los lijken te staan van alles, of juist te ingrijpend zijn, omdat ze te groots zijn en ons doen beseffen dat we in wezen klein en machteloos zijn. Ondergeschikt zelfs? Aan wie of wat dan? Hoe hier mee om te gaan?
En alle onzekerheden? Net zoals kinderen een gevoel van veiligheid ontlenen aan hun ouders (als het goed is) kunnen volwassenen proberen die te vinden in zekerheden: materiële maar ook immateriële. Waar kun je zeker van zijn? Wat is onveranderlijk? Wat is waar?
Vragen.

Wetenschap is het vergaren van kennis op een georganiseerde manier. Het begint met een vraag, gevolgd door onderzoek en een interpretatie van datgene dat ontdekt is.
De kwaliteit van de vraag bepaalt in belangrijke mate de kwaliteit van het antwoord. Hoe slimmer de (onderzoeks)vraag, hoe beter geformuleerd, des temeer waarde kan er aan het antwoord worden gehecht.
De vraag is ook nog eens een keer sturend. Wie kent niet het filmpje (terug te kijken op YouTube) met de ‘gorilla’ die tussen basketbal spelende mensen heenloopt? Het bijbehorende onderzoek van Daniel Simons en Christopher Chabris heeft het duidelijk aangetoond: onze zintuiglijke waarneming wordt in belangrijke mate bepaald door de voorafgaande vraag. Cruciale zaken kunnen ons ontgaan, omdat we er simpelweg niet op gericht zijn om ze te ontdekken.

De waarneming kan ook worden gekleurd door allerlei gedachten en overtuigingen waarvan we ons al dan niet bewust zijn. Geworteld in opvoeding, cultuur, religie, levensovertuiging etc. Hoe meer bewustzijn hierover, hoe meer helderheid in de waarneming. Dat wel. Maar zet maar eens vijf mensen bij elkaar, laat ze een overval beschrijven waarvan ze allen getuige waren en je krijgt vijf verschillende verhalen. Er kan zelfs ruzie ontstaan als het erom gaat de waarheid te achterhalen. Had die man nou blauwe of bruine ogen, hoe was hij gekleed, waar kwam hij vandaan, had hij handlangers of waren dat toevallige voorbijgangers?
Daarnaast is het natuurlijk welhaast onmogelijk om iets zelfs letterlijk vanuit eenzelfde perspectief te beschouwen. De werkelijkheid is daarvoor veel te dynamisch en bovendien neemt ieder mens zijn eigen unieke plek op de aarde in (de nadir-zenithlijn).

Bij de interpretatie van datgene dat waargenomen is, komen de aangelegde ‘mapjes’ in het denkvermogen aan bod: wat past in welke categorie? Die categorieën zijn maar tot op zekere hoogte universeel en wat is daar de invloed van? Taal alleen al kan een algemeen geldende interpretatie behoorlijk in de weg zitten. Zorgvuldig formuleren wat dat er bedoeld wordt, is een hele kunst…
Hoe kan nu de waarheid worden bepaald? Bestaat de waarheid? Is de uitkomst van een wetenschappelijk onderzoek de waarheid?

Karl Popper –grondlegger van het kritisch rationalisme- heeft in dit verband iets belangwekkends te melden. Popper geloofde niet in een statische wetenschap met voor de eeuwigheid vastgelegde waarheden. Wetenschap is dynamisch, net als de waarheid. Popper noemt een theorie uitsluitend wetenschappelijk indien deze falsificeerbaar is: een theorie moet toetsbaar zijn en er moet een theoretische en praktische mogelijkheid zijn om de theorie te weerleggen. Door steeds weer in de praktijk te toetsen of je theorie wel klopt, steeds weer kritische vragen te stellen bij je eigen opvattingen en waarnemingen, kom je steeds dichter bij de waarheid. Popper besefte dat iedere theorie tekort schiet om de dynamische werkelijkheid te verklaren en dus altijd weerlegd kan worden.
Als je bereid bent om je eigen theorie (als tijdelijke waarheid) ter discussie te stellen en zij toch overeind blijft, des te waarschijnlijker is dat je theorie in ieder geval niet nìet klopt. Let op: niet nìet is bij Popper bepaald niet gelijk aan wèl.
Wil je dus een waarheid vinden, besef dan dat je slechts kunt streven naar het zo dicht mogelijk benaderen ervan. Stel vragen bij je eigen theorie en laat je theorie door anderen bekritiseren.
Elk antwoord op elke vraag moet weer opgevolgd worden door een volgende vraag.
Dat is de echte zoektocht naar de waarheid.

Odysseus moest voort wilde hij ooit naar huis terug kunnen keren. Hij was een held tegen wil en dank. Gelukkig zijn er mensen die er bewust voor kiezen iedere keer opnieuw vragen te stellen over de werkelijkheid en op zoek te gaan naar nieuwe antwoorden. Ze stellen hun veiligheid, zekerheden en overtuigingen ter discussie, zijn zelfs bereid ze op te geven. Als echte helden zijn ze onderweg naar hun eigen Ithaka en weten dat het om de reis gaat.
De waarheid is immers slechts een dor, onvruchtbaar eiland.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s