Bijtanken

Ben gisteravond met Leo de Fiat richting Nijmegen naar Zusje gereden. Moest weer eens even flink bijtanken en dat kan uitstekend met haar. Eerst heel lekker gegeten -ze kan goed koken!- en gedronken en wat geleuterd met Zwager, Zusje en de huisschilder, die eigenlijk een getormenteerde maar ozo getalenteerde percussiespeler bleek te zijn. Uit Beieren, maar sinds 10 jaar uit Rotterdam.
Tja. Gods wegen zijn ondoorgrondelijk…
Later lagen de kindertjes in bed en Zwager met de afstandsbediening op de bank. De huisschilder verdween. Zusje en ik bleven in de keuken achter met de ronkende afwasmachine en een vers geopende fles wijn op tafel. Daar hoort een potje scrabble bij.
Wij spelen nooit tégen elkaar, maar zijn gewend om samen zoveel mogelijk punten te scoren. Ons record ligt rond de 1063 en werd alweer een paar zomers geleden gevestigd. Wat een glorieuze avond was dat!! Zou het ons lukken die prestatie te verbeteren?
Echt niet. We gingen om een uur of vijf vanochtend naar bed. In totaal hebben we drie flessen “verslagen” en misschien acht woorden op het bord gelegd. Ik heb de score niet eens berekend. Maar we hebben gepraat over onze grote liefdes, onze kinderen, vriendinnen, ouders, broers en alle onvolkomenheden die mensen eigen zijn. We hadden alles weer op een rijtje.

“Waarom doen we dit toch eigenlijk iedere keer weer?” vroeg ik Zusje toen ik haar vanochtend om iets voor twaalven weer zag. Ik voelde me een gekreukelde krant. Werktuiglijk reikte ze me een roze pilletje tegen de hoofdpijn en een glas water aan.
“Weet ik veel.” was haar sjacharijnige antwoord. Ze houdt niet van domme vragen en zeker niet als ze net wakker is.
Vind ik een mooie eigenschap.

Advertenties